Hoe maak je redoxreacties kloppend?

De reactie tussen natrium en chloor kan worden opgeschreven als twee afzonderlijke halfreacties:

Na\(\rightleftarrows\)Na++e

Cl2+2 e\(\rightleftarrows\)2 Cl

In de ene halfreactie staat de reactie van de reductor (Na). In de andere halfreactie staat de reactie van de oxidator (Cl2).

Om tot de totale redoxreactie te komen, tellen we beide halfreacties bij elkaar op. Dit kan alleen als in beide halfreacties hetzelfde aantal elektronen staat vermeld.

Maak het aantal elektronen gelijk

In de halfreactie van de reductor staat één elektron. In de halfreactie van de oxidator staan twee elektronen. Neem de eerste reactie dus tweemaal en de tweede reactie eenmaal.

Na \(\rightleftarrows\) Na+ + e [ 2x ]
Cl2 + 2 e \(\rightleftarrows\) 2 Cl [ 1x ]
------------------------------------------------------------------ +
2 Na + Cl2 + 2 e \(\longrightarrow\) 2 Na+ + 2 e + 2 Cl

Vereenvoudig

De volgende stap is het vereenvoudigen van de reactie.

  • Streep hetzelfde aantal elektronen voor en na de pijl weg.
  • Streep hetzelfde aantal identieke deeltjes of stoffen voor en na de pijl weg.
  • Ontstaat er een onoplosbare of vaste stof? Maak van de ionen het vaste zout.
  • Ontstaat er na de pijl zowel H+ (of H3O+) en OH? Maak hier H2O van.

De totale redoxreactie wordt nu:

2 Na (s)+Cl2 (g)\(\longrightarrow\)2 NaCl (s)

Als laatste controle stap controleer je aan beide kanten van de pijl het aantal deeltjes en de hoeveelheid lading. Dit moet altijd kloppen (ook voor een halfreactie). Klopt dit niet dan heb je ergens een foutje gemaakt. Bij het opstellen van redoxreacties is het dus altijd mogelijk om je antwoord te controleren.